De EU AI Act en wat hij van uw organisatie vraagt
Sinds 2 februari 2025 verplicht de EU AI Act elke organisatie die AI gebruikt om aantoonbare maatregelen te nemen om de AI-geletterdheid van haar personeel te ontwikkelen. Dat staat in Artikel 4. Wat de AI-geletterdheidsplicht onder Artikel 4 concreet van uw organisatie vraagt, werkten we uit in een apart inzicht. De wet zegt niet hoe. Bewust niet.
Artikel 4 verlangt maatregelen die de AI-geletterdheid van uw mensen ontwikkelen. Geen vaste uren, geen verplicht certificaat, geen gegarandeerd kennisniveau per persoon: de Digital Omnibus (aangenomen juni 2026, publicatie in het Publicatieblad volgt) verduidelijkte dat het een inspanningsverplichting is. De Europese Commissie verklaart waarom er geen vaste eisen zijn: AI evolueert te snel voor strakke eisen. Een wet met vaste eisen zou binnen een jaar achterhaald zijn. De norm beweegt mee met de werkelijkheid en wordt afgestemd op rol, context, risico en de personen op wie AI wordt toegepast.
Dat klinkt vaag totdat een toezichthouder of auditor erop doorvraagt. Dan blijkt dat een open norm geen vrijbrief is maar een uitnodiging om uit te leggen waarom uw aanpak verdedigbaar is. De verplichting geldt al; vanaf 2 augustus 2026 wordt breder toezicht door nationale toezichthouders operationeel, al is de definitieve toezichtstructuur in België en Nederland nog niet afgerond.
Wij hebben drie keuzes gemaakt waarmee we die open norm invullen op een manier die naar ons inzicht het beste standhoudt bij toezicht, audit en organisatorische werkelijkheid.
Onze keuzes wijken af en met reden...
AI Act-training met jaarlijkse update, geen eenmalige sessie
Wat de wet zegt.
Artikel 4 van de AI-verordening verplicht aanbieders en gebruiksverantwoordelijken om maatregelen te nemen die de AI-geletterdheid van hun personeel ondersteunen en ontwikkelen, rekening houdend met "de context waarin de AI-systemen zullen worden gebruikt" en met de personen op wie ze worden toegepast. Sinds de Digital Omnibus (aangenomen juni 2026, publicatie in het Publicatieblad volgt) is dit expliciet een inspanningsverplichting, zonder gegarandeerd kennisniveau per individu. De Europese Commissie verklaart in haar Q&A bij Artikel 4 expliciet waarom zij geen vaste eisen stelt: AI evolueert snel, en wat vandaag passend is, hoeft dat over twee jaar niet te zijn.
Onze invulling.
Het abonnement is geen vrijblijvend extraatje. Het is de structurele toezegging dat wij namens u bijhouden welke ontwikkelingen, guidance en handhavingspraktijk van invloed zijn op de norm "toereikend", en dat we die wijzigingen verwerken in de trainingen die uw mensen volgen. Wie dit zelf wil doen, heeft daarvoor interne capaciteit nodig, jaar in jaar uit. Voor de meeste organisaties die wij bedienen is dat duurder dan het abonnement zelf.
AI Act-certificaat met audit-bewijs, geen aanwezigheidsvinkje
Wat de wet zegt.
De Commissie bevestigt in haar Q&A dat een certificaat niet wettelijk verplicht is, en dat er geen plicht is om kennis formeel te meten. Een intern register volstaat juridisch. Tegelijk vraagt Artikel 4 om aantoonbare maatregelen, en per 2 augustus 2026 wordt breder toezicht operationeel. Bij een controle of incident moet u kunnen aantonen wat uw medewerker wist op het moment dat het ertoe deed.
Onze invulling.
Een gedateerd certificaat met scoreresultaat, gekoppeld aan de rol van de medewerker, is in onze ogen de sterkst denkbare invulling van die aantoonbaarheid. Op de achterzijde staan de eindtermen: precies welke competenties zijn aangetoond, gekoppeld aan welke artikelen van de EU AI Act. Niet "iemand heeft iets gevolgd", maar "deze persoon kan dit, met deze wettelijke dekking". Bij elke jaarlijkse hercertificering bewegen die eindtermen mee met de wet en de praktijk. Een vinkje op een aanwezigheidslijst voldoet ook, maar zegt niets over welke kennis er feitelijk is opgedaan. De geldigheid van twaalf maanden weerspiegelt het tempo van AI-ontwikkelingen: korter is paniek, langer is niet meer geloofwaardig te verdedigen tegenover een toezichthouder die vraagt of de kennis nog actueel is.
AI-geletterdheid afgestemd per rol, geen algemene training
Wat de wet zegt.
Artikel 4 vraagt expliciet om afstemming op "technische kennis, ervaring, opleiding en training" van de betrokkenen. De Q&A van de Commissie is hierover stellig: er bestaat geen one-size-fits-all en de aanpak moet aansluiten op rol, sector, risico en gebruikscontext.
Onze invulling.
Een directielid dat AI-inkoop beoordeelt en een baliemedewerker die ChatGPT gebruikt voor een mailtekst hebben dezelfde wettelijke verplichting maar inhoudelijk een andere kennisbehoefte. Wij splitsen daarom in vier basismodules en vier sectorspecifieke uitbreidingen, en koppelen via een korte keuzewizard elke medewerker aan het juiste pakket. Een algemene training voor iedereen lijkt eenvoudiger aan de voorkant, maar voldoet niet aan de differentiatie-eis van Artikel 4 op het moment dat een toezichthouder daarop doorvraagt.
Overweegt uw organisatie daarnaast ISO 42001? Hoe die norm zich verhoudt tot de AI-geletterdheidsplicht van Artikel 4, zetten we uiteen in ISO 42001 en de AI-geletterdheidsplicht.
Artikel 4 is geen eenmalige verplichting. Hoe wij ontwikkelingen rond de EU AI Act blijven volgen en verwerken in trainingen en certificaten, leest u op de door AIAdopt ontwikkelde EU AI Act Monitor.